free web stats

FACTSHEET – Palestijnse vluchtelingen in Libanon

Algemene feiten

Oppervlakte Libanon: 10.400 km²  (0,3 keer Nederland)
Aantal inwoners Libanon: 4 miljoen.
Palestijnse vluchtelingen in Libanon: 400.000 in aantal, waarvan meer dan de helft in dichtbevolkte vluchtelingenkampen, verspreid over Libanon, woont. De Libanese overheid kent deze vluchtelingen geen staatsburgerschap toe en weigert hen identiteitspapieren te geven, waardoor deze groep feitelijk stateloos is. In de praktijk leidt dit tot discriminatie en een slechte behandeling door de Libanese autoriteiten. Van de wereldwijde Palestijnse vluchtelingenpopulatie dat in extreme armoede leeft, verblijft het grootste deel in Libanon. Vluchtelingenkampen: kwamen in 1948 tot stand toen 100.000 Palestijnen naar Libanon vluchtten voor het geweld dat voorafging aan de oprichting van de staat Israël. Sindsdien is de uitvoering van het (internationaal erkende) recht van de vluchtelingen om terug te keren naar hun voormalige woonplaats tegengehouden door de Israëlische overheid. Van alle (door de VN erkende) Palestijnse vluchtelingenkampen in het Midden-Oosten liggen er 12 in Libanon met een totaal inwoneraantal van ruim 200.000.

Veiligheid en welzijn Naast gewapende conflicten, hebben de kampbewoners te lijden onder andere factoren die hun veiligheid en welzijn aantasten. Zo is de toegewezen oppervlakte van de vluchtelingenkampen sinds 1948 niet veranderd en is het de vluchtelingen niet toegestaan om grond buiten de kampen te bezitten. De dichtbevolkte kampen kunnen dus alleen maar de hoogte in groeien. Door het ontbreken van bouwvoorschriften en toezicht, ontstaan gevaarlijke constructies. Voor de kampen in het zuiden van Libanon geldt bovendien een verbod op het invoeren van bouwmaterialen wat de aanleg van veilige huisvesting verder bemoeilijkt. Verder zorgen open riolen, het ontbreken van afvaldiensten, en een wirwar van het (bovengrondse) elektriciteitsnet voor gevaarlijke en ongezonde situaties. Tenslotte zijn de Palestijnse vluchtelingen in Libanon door hun stateloosheid en behandeling als tweederangs burger aangewezen op laagbetaald, ongezond en vaak gevaarlijk werk.

Onderwijs Palestijnse vluchtelingen in Libanon hebben geen toegang tot het onderwijssysteem in het land. Voor onderwijs zijn deze kinderen afhankelijk van UNRWA scholen. Libanon is het enige land waar UNRWA naast basisonderwijs ook middelbaar onderwijs biedt aan de vluchtelingen, om zo de ontzegging van toegang tot het onderwijssysteem te compenseren. De overige gebieden waar UNRWA actief is, nemen de vluchtelingen (deels) op in hun nationale onderwijssysteem. Ongeveer 40% van de Palestijnse kinderen verlaten de UNRWA

 


In totaal ontvluchtten 700.000 Palestijnen in de loop van 1948 hun dorpen en steden vanwege de etnische zuiveringen die daar werden uitgevoerd door joodse milities. Deze periode wordt door de Palestijnen ook wel aangeduid als de ‘Nakba’. Sindsdien is de Palestijnse vluchtelingenpopulatie in het Midden-Oosten gegroeid tot ongeveer 4,7 miljoen in aantal. UNRWA (United Nations Relief and Works Agency) werd in 1949 opgericht om hulp te verlenen aan Palestijnse vluchtelingen in de Palestijnse gebieden (Gazastrook en Westelijke Jordaanoever), Libanon, Jordanië, en Syrië.
scholen voortijdig wegens armoede binnen hun gezin. Veel van hen gaan werken om zo bij te dragen aan het gezinsinkomen.

 

Medische zorg
Palestijnse vluchtelingen hebben geen toegang tot de Libanese gezondheidszorg en ontvangen slechts een deel van de noodzakelijke medische zorg van UNRWA. Naast gangbare gezondheidsklachten, hebben veel inwoners van de kampen, voornamelijk kinderen, problemen met hun luchtwegen als gevolg van de hoge luchtvochtigheid in de dichtbebouwde, donkere kampen. De Libanese regering heeft toegegeven dat de situatie van de Palestijnse vluchtelingen ondraaglijk is en dat de gezondheidsproblemen en het gebrek aan medische faciliteiten enorm zijn. Desondanks doet de overheid niets om hier iets aan te veranderen, zich daarbij beroepende op de stateloosheid van de vluchtelingen. Volgens internationaal recht rust er wel degelijk een verplichting op de Libanese overheid om de noodzakelijke dienstverlening te verschaffen, ook aan de Palestijnse inwoners.
Sociale en economische problemen
De Palestijnse vluchtelingen hebben sinds hun komst in Libanon te kampen met overbevolking, werkeloosheid, armoede en een gebrek aan infrastructuur. Al jarenlang spreken mensenrechtenorganisaties zich kritisch uit over de discriminatie van de Palestijnse vluchtelingen in Libanon door de overheid aldaar. Vooral de politieke en economische rechten worden de vluchtelingen onthouden. Na decennia van algehele uitsluiting op de arbeidsmarkt werd in augustus 2010 een wet aangenomen die de Palestijnse vluchtelingen in het land het recht geeft om een werkvergunning voor de private sector aan te vragen. Hoewel dit een verbetering is ten opzichte van de eerdere situatie, blijken de vergunning voor veel Palestijnen te duur. Volgens deze wet kunnen ze ook een pensioen opbouwen en aanspraak maken op vergoeding bij werkgerelateerde ongevallen. Echter, vergeleken bij de situatie in Jordanië, Syrië, en elders in het Midden-Oosten, is de situatie van de Palestijnen in Libanon nog steeds schrijnend en zijn zij in vergelijking veruit het armst. Ook mogen de Palestijnse vluchtelingen in Libanon niet in de publieke sector werken of land bezitten. Banen met een medische, juridische of bouwkundige achtergrond zijn eveneens vrijwel geheel ontoegankelijk voor Palestijnse vluchtelingen. Voor het uitoefenen van deze functies moeten zij namelijk dure vergunning aanschaffen toetreden tot voor hen onbetaalbare Libanese syndicaten.